Met dit schot voor de boeg door North Sea Port, is duidelijk dat de Vlaamse havenstrategie een stuk ambitieuzer moet. - © Hendrik Moeremans

Zo wil North Sea Port haar klimaattransitie vormgeven

Met dit schot voor de boeg door North Sea Port, is duidelijk dat de Vlaamse havenstrategie een stuk ambitieuzer moet. - © Hendrik Moeremans

De havens zijn knooppunten van mobiliteit, industrie, energie en sociale transitie. Bizar genoeg worden ze niet vernoemd in de maatregelen van het Vlaams Klimaatplan. Toch zitten ze niet stil. Onder de naam ‘Connect 2025’ presenteerde North Sea Port begin  november een nieuw strategisch plan. De richting lijkt goed te zitten. Wat volgt? 

Het meest zichtbare gedeelte van een haven is de agglomeratie van industrie. Maar er is zoveel meer: de binnenvaart en scheepvaart,  het wegtransport en allerhande energie- en grondstofbronnen. Als havens tegen 2050 klimaatneutraal moeten zijn, dan gaat het niet alleen om de industrie, maar om elk deelaspect van de haven. 

Binnenkort wordt de finale Vlaamse Havenstrategie 2021-2030 van de Vlaamse regering verwacht, samen met de overeenkomsten met individuele havenbedrijven. De verwachtingen zijn hoog: alle uitdagingen in alle transitiethema’s tackelen voor de industrie en het havenwezen. Geen wonder dat de havens zelf al aan het strategisch denkwerk begonnen zijn.

Koolstofafvang zien we vooral als een transitiemaatregel, die tijdelijk nodig zal zijn. En enkel daar waar er geen alternatieven voor bestaan.

3 speerpunten voor havenindustrie

North Sea Port zet in op drie specifieke zaken voor de transitie van haar industrie: investeren in circulaire economie, investeren in energieprojecten en het investeren in klimaat. 

Kijken we naar circulaire economie, dan voorziet North Sea Port een clustterruimte van 150 ha tegen 2025 en wil ze daarop 10 innovatieve circulaire activiteiten aantrekken. Dit is naar analogie wat de Port of Antwerp eerder deed met het brownfield van de oude Opel-site (Churchill site). Verder wil de haven materialen en grondstoffen zoveel als mogelijk hergebruiken: restafval- en energiestromen worden nieuwe grondstoffen. Daar wordt al lang over gesproken, maar in de praktijk is industriële symbiose een moeilijke kwestie. Het project DOEN, waar men energie makelt, probeert vraag en aanbod alvast te koppelen. 

Voor energie mikt North Sea Port op waterstof. Ze vraagt infrastructuur zoals pijpleidingen en subsidies (zoals IPCEI en middelen uit het relanceplan) om de backbone te voorzien van aansluitingen. Federaal minister van Energie Tinne Van der Straeten speelde daar al handig op in met de onlangs aangekondigde waterstofstrategie. Doelstelling van North Sea Port: 500 MW elektrolysecapaciteit tegen 2025. Hoe ze aan al die groene energie komt, zegt de haven er niet bij en ook waar die waterstof zal gebruikt worden, hebben we voorlopig nog het raden naar. 

Een expliciete doelstelling tot klimaatneutraliteit staat er niet in. Maar de haven wil energie-efficiëntie wel verbeteren en zet in op de opslag van CO2 (Carbon Capture and Storage). Het doel: 3 miljoen ton CO2-afvang tegen 2025. Ze willen CO2 vooral valoriseren en hergebruiken (zie bv. testprojecten Steelanol en North-C-Methanol). Het Rodenhuizedok wordt een plek om CO2 onder te brengen in terminals. Op zich vinden we het positief dat er via pilootprojecten aan CO2-emissiereductie wordt gewerkt. Maar als milieubeweging staan we kritisch ten opzichte van koolstofafvang: we zien dit vooral als een transitiemaatregel, die tijdelijk nodig zal zijn. En enkel daar waar er geen alternatieven voor bestaan. Het mag daarbij ook niet in de weg staan van andere decarbonisatietechnologieën, denk maar aan de elektrificatie van de processen of het gebruik van waterstof.

De aandeelhouders gaven het havenbedrijf dan ook expliciet de opdracht om duurzaamheid en klimaat voorop te zetten.

Haven geeft al schot voor de boeg voor duurzamere toekomst

North Sea Port zet met dit plan de toon voor meer ambitie en klimaatbeleid op eigen terrein. De aandeelhouders gaven het havenbedrijf dan ook expliciet de opdracht om duurzaamheid en klimaat voorop te zetten. Ook positief: North Sea Port zet alvast niet in op een verdere verhoging van de containertrafiek en benadrukt dat het vooral toegevoegde waarde wil creëren, eerder dan trafiekvolume. Een belangrijk signaal.

Al kan het nog straffer: de haven van Rotterdam maakt de analyse  dat covid het globalisme een knauw heeft gegeven. Rotterdam ziet nearshoring (waarbij bedrijven zich opnieuw in Europese contreien gaan vestigen) de trafiek verminderen. 

De governance van de haven van Gent zit ook snor. Het havenbedrijf beseft dat het noodzakelijk is om in de samenleving draagvlak te creëren, door samen te werken met de buurt en andere stakeholders zoals milieuorganisaties, bedrijven en overheden. Zou de Nederlandse invloed daar iets mee te maken hebben? Daar zit dit samenwerkingsmodel al langer ingebakken. 

Met dit schot voor de boeg, is duidelijk dat de Vlaamse havenstrategie een stuk ambitieuzer moet. Onze havens hebben hefbomen in handen om bedrijven in de juiste richting te duwen: denk maar aan walstroom, toegang tot hernieuwbare energie of de concessies. Maar ze moeten daar ook de juiste ondersteuning voor krijgen. North Sea Port toont alvast hoe het kan.

Zware industrie

Meer over Zware industrie