Home > E-zines > beleidsb@BBeL > Archief > 08-02-2012 - Milieu-effectenrapport negeert milieudoelstellingen
08-02-2012 - Milieu-effectenrapport negeert milieudoelstellingen
Voorop
- Brusselse ring: MER(de)
Actueel
- Vlaamse woonfiscaliteit gouden kans voor betere ruimtelijke ordening
- Het weer zit tegen, het fijn stof neemt toe
- Protest tegen uitbreiding vossenjacht blijft nuttig
Milieublog
- Enkel glas voor het MAS, tropisch hout voor de Gentse stadshal
~ Voorop ~
Vorige week kon een wakkere journalist van De Standaard de hand leggen op het ontwerp milieueffectenrapport (MER) voor de Brusselse ring. Zoals bekend wil de Vlaamse regering parallelwegen aanleggen langs de ring, om zo het doorgaand verkeer te scheiden van het lokaal verkeer. Zo komt men tot 3 centrale rijvakken voor doorgaand verkeer en 2 laterale rijstroken voor lokaal bestemmingsverkeer. Tien rijstroken in totaal dus, met de optie om later uit te breiden naar twaalf. Naast het viaduct van Vilvoorde wil men een nieuw viaduct aanbouwen, zodat hier geen bottle-neck ontstaat. Vanuit de milieubeweging vrezen we dat al dit extra beton vooral veel extra verkeer zal aantrekken. We vroegen daarom om in het MER ook een scenario te onderzoeken zonder infrastructuuringrepen, maar met een kilometerheffing, bijkomend openbaar vervoer en extra fietsinfrastructuur.
Uit het ontwerp MER blijkt nu dat onze vrees waar wordt. In het scenario met parallelwegen zijn er in de ochtendspits ongeveer 60.000 autokilometers meer op de noordelijke ring, dan in het scenario met rekeningrijden. In de avondspits worden zelfs 80.000 autokilometers meer afgelegd. Verder blijkt uit het MER dat in dit scenario de normen voor NOx niet worden gehaald, de hoeveelheid fijn stof toeneemt, de geluidshinder stijgt en de klimaatimpact groter wordt.
Wonder boven wonder komt het scenario met parallelwegen toch als ‘het betere scenario’ uit het MER. Dat dit scenario ondanks deze slechte milieuresultaten toch als het betere scenario uit de bus komt, hangt samen met de eenzijdige doelstelling van het MER, dat in de eerste plaats een afweging maakt op basis van de verkeersdoorstroming. Door de aanleg van bijkomende laterale rijstroken zorgt het scenario met parallelwegen immers voor een lichtjes betere doorstroming, hoewel de doorstroming ook in dit scenario slecht blijft.
Het halen van (inter)nationale milieudoelstellingen is geen doelstelling in dit MER, hoewel het nochtans gaat om een milieueffectenrapport. De doelstelling van dit MER is volledig op maat geschreven van het voorstel van de Vlaamse regering, namelijk het aanleggen parallelwegen langs R0. Met andere woorden: dit rapport toont aan wat aangetoond moest worden.
~ Actueel ~
In 2014 wordt de federale fiscale aftrek voor woonleningen volledig afgeschaft. Dat is een gevolg van de staatshervorming. De bevoegdheid over hypothecaire leningen wordt overgedragen naar de Gewesten, samen met het budget daarvoor. Zo krijgt Vlaanderen er in één klap meer dan 900 miljoen euro en een belangrijke bevoegdheid bij. Het is dan aan de gewesten om een eigen woonbeleid uit te bouwen, via belastingkredieten of -verminderingen.
Vraag is nu hoe Vlaanderen die nieuwe bevoegdheid gaat invullen. Vlaams minister van Begroting Philippe Muyters (N-VA) liet vorige week in het parlement verstaan dat er nog geen duidelijkheid is over hoe de Vlaamse regering dat gaat aanpakken en dat ze nog wacht op cijfers en teksten van de federale regering. ‘Vlaanderen zal alleszins een beleid uitwerken dat de aankoop van een woning blijft stimuleren’, aldus de minister.
Volgens Bond Beter Leefmilieu (BBL) biedt deze bevoegdheidsoverdracht een gouden kans om via een eigen fiscaliteit een betere ruimtelijke ordening te ondersteunen. BBL stelt daarom voor om een koppeling te voorzien tussen de belastingsvermindering en de ligging van een woning. Om een verdere verstedelijking van landelijke gebieden te beperken en wonen in stads- en dorpskernen te stimuleren, kan een grotere aftrek voorzien worden voor woningen die gelegen zijn in de bebouwde kom. Voor afgelegen woningen in de open ruimte moeten dan meer belastingen betaald worden. Dat is ook billijker, want voor woningen gelegen in de open ruimte moet de samenleving immers meer kosten maken, bijvoorbeeld voor het aanleggen van riolering, voor afvalophaling of voor openbaar vervoer.
~ Actueel ~
Heel vorige week was de luchtkwaliteit slecht. Vooral in begin van de week was onze lucht ongezond. Op maandag en dinsdag werd de daggrens voor fijn stof op alle meetposten overschreden. Ook in de meer landelijke gebieden, waar de situatie doorgaans beter is dan in de steden en rond havengebieden, gingen de fijnstofmeters zwaar in het rood. Dat wijst er op dat de afgelopen dagen de achtergrondconcentraties stegen, door vervuiling uit het buitenland. Dat is een gevolg van de toestroom van continentale lucht, die vanuit het (noord)oosten België komt binnengewaaid.
'Lucht die van over het continent komt, is altijd meer vervuild. In combinatie met de eigen emissies door verkeer, huishoudens, industrie en landbouw zorgt dit nu voor verhoogde fijn stof concentraties in de lucht', aldus Frans Fierens van Ircel. Op deze Europese kaart van Ircel kan je duidelijk zien hoe een fijnstofwolk vanuit noordoostelijke richting (Duitsland, Polen,…) ons land kwam binnengewaaid: klik hier (vervolgens doorklikken via ‘volgende uur’).
Deze grensoverschrijdende luchtvervuiling toont duidelijk de noodzaak van een Europese aanpak van het fijnstofprobleem aan. Vlaanderen moet in Europees opzicht trouwens een tand bijsteken. Wij zijn immers een netto-exporteur van fijn stof: we voeren meer fijn stof uit naar het buitenland, dan we binnenkrijgen uit andere landen.
~ Actueel ~
Tijdens een onderhoud met de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur Joke Schauvliege, overhandigde Vogelbescherming Vlaanderen een petitie met meer dan 15.000 handtekeningen tegen de uitbreiding van de jacht op de vos. Een deel ervan – 10.000 – had ze al op 18 januari 2011 ontvangen maar daarmee heeft ze nooit iets gedaan. Sinds de principiële beslissing van de Vlaamse Regering op 13 januari 2012 zijn er nog meer dan 5.000 handtekeningen bij gekomen.
~ Milieublog ~
Er beweegt wat in de stad. Na decennia van stadsvlucht, achteruitgang en verpaupering hebben de steden sinds de eeuwwisseling een tweede adem gevonden. Ze investeren volop in stadsvernieuwingsprojecten, parken en openbare groenvoorzieningen, openbaar vervoer,… Wonen in de stad is opnieuw hip. Stadsbesturen zetten in op architecturaal hoogstaande stadsprojecten, om zo de meerwaarde van de eigen stad in de verf te zetten. In Antwerpen is dat het veelbesproken Museum Aan de Stroom op het Eilandje, ontworpen door het befaamde bureau Neutelings Riedijk Architecten. Een schot in de roos voor de city-marketing. In Gent gaat het om de nieuwe stadshal, centraal gelegen tussen stadhuis en Belfort, van het gelauwerde architectenduo Robberecht&Daem. Het gaat in beide gevallen om doordachte en waardevolle stedenbouwkundige ingrepen in een dichtbebouwd, historisch stedelijk weefsel. Door hun vernieuwende architectuur veroorzaken ze commotie en discussie, maar beide zijn een toegevoegde waarde voor hun stad.
Daarom is het zo spijtig dat er juist bij dit soort projecten onwaarschijnlijke blunders maken tegen de basisprincipes van duurzaam bouwen. Als het er echt om begint te spannen, laten ze de eigen milieudoelstellingen los gelaten. Zo werd bij het MAS veelvuldig gebruik gemaakt van enkel glas, terwijl er veel overheidsgeld in publiekscampagnes geïnvesteerd wordt om burgers te overtuigen dubbel glas te installeren: ‘Goed voor uw portemonnee en goed voor het milieu!’
Bij de stadshal in Gent zou volgens de offerte duurzaam hout met een FSC-label gebruikt worden. Maar omdat de werfplanning in het gedrang kwam, werd op het laatste moment beslist om Afrormosia te gebruiken, tropisch hardhout uit Centraal Afrika, met een onduidelijk label, nota bene van een bedreigde boomsoort. De offerte voor de bouw van de stadshal werd vooraf ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad, de afwijking voor het tropisch hout niet. Dat alles gebeurde onder druk van de aankomende verkiezingen. Het project moet tijdig aan het grote publiek voorgesteld kunnen worden – lees: voor de kiezing – en dan zijn enkele weken uitstel om op gelabeld hout te wachten, geen optie.
De wettelijke procedures en de daarbij voorziene afwijkingsmogelijkheden zijn dan wel juridisch correct doorlopen, de nodige vergunningen en adviezen werden aangevraagd, maar goed bestuur is dit niet. Burgers worden met publiekscampagnes en premies aangespoord om streekeigen hout te gebruiken en energie te besparen. Waarom kiezen de stadsbesturen dan voor enkel glas en tropisch hout?
Blijkbaar is het besef van de noodzaak van duurzame investeringen nog niet volledig doordrongen bij de besluitvormers zelf. Terwijl dubbel glas en streekeigen hout voor een groot deel van de bevolking een evidentie zijn. We missen een voorbeeldrol en voortrekkersrol van de overheid, ze blijft hangen in haar kortetermijndenken (lees verkiezingsmodus). Hoe kunnen we verwachten dat een maatschappij dan tot verandering komt? Voor een stadsbestuur dat zichzelf progressief noemt en pretendeert een voorbeeld te zijn voor haar burgers, kan dat echt niet door de beugel.